Ik was nog maar een paar dagen thuis, toen ik heropgenomen werd. Ik moest bellen als ik vreemde verschijnselen kreeg. Dat deed ik dus maar. Het bleek alleen dat ze liever niet hadden dat je belde in het weekend. Na heel veel gedoe kreeg ik een arts aan de telefoon die vond dat de klachten dusdanig waren dat een opname nodig was. Ik had geen zin om terug te gaan, maar ook geen keus. Dus de volgende dag stond ik weer bepakt en bezakt bij de EHBO.
De EHBO verpleegkundige heette me welkom. Na een bloeddruk gemeten te hebben van 65/27 (ik voelde me prima), kwam hij tot de conclusie dat dat aan de lage kant was. Vervolgens constateerde hij dat ik geen junkie moest worden, omdat ik onmogelijk te prikken was. Al snel was ik weer op mijn oude vertrouwde afdeling, waar ik op de kamer bleek te liggen met de portugees die geen woord Nederlands sprak. De portugees begroette me vriendelijk ("heee, amiga"), rolstoelde naar zijn bed en zette wat Frans Bouwer muziek op. Het was ijskoud in de kamer, en toen de radio nog een josti-band nummer inzette, kreeg ik spijt dat ik teruggekomen was. De dienstdoende neuroloog wilde nogmaals een ruggeprik doen en maakte daar een dramatische priksessie van. Toen wist ik nog niet dat deze sessie me 5 dagen ernstige hoofdpijn en misselijkheid zou bezorgen vanwege een complicatie waarbij er hersenvocht weglekte. Soms is het ook wel fijn dat je niet alles vantevoren weet.
Mijn ouders kwamen op bezoek met een grote dolfijnenballon. Volgens mijn moeder hoefde ik me niet perse in het ziekenhuis op te laten nemen om hen ballonnen te ontfutselen, daar waren ook andere manieren voor.
Ik kon zo snel geen andere manier bedenken...
Ook mijn zusje bond weer een blije ballon aan mijn bed toen ze langskwam. Geen wonder dat mensen hun bewondering uitspraken over de carnavalachtige praalwagen die langskwam wanneer ik door de ziekenhuisgangen werd gereden (voor mijn derde MRI).
De portugees bleek het wel wat moeilijk te hebben. Ik voelde me regelmatig een maatschappelijk werkster. Af en toe kwam hij bij me uithuilen of zijn zelfmoordplannen met me doorspreken. Ondanks dat ik geen woord portugees kon, was er vaak nog best wel wijs uit te worden wat hij bedoelde. Alles was "kaputti", en hij wilde graag naar God.
In de kamer tegenover ons lag een verwarde oude vrouw en een simpele macho-jongen. Met name s'avonds zorgde dat voor een hoop plezierig vermaak.
Vrouw: "Juffrouw...... Juffrouw.... JUFFROUW!"
jongen: "Wat is er mevrouw? Mot u plassen?"
Vrouw: "Juffrouw... Juffrouw!!"
jongen: "wat is er dan? Ik kan niet uit bed, wat is er?"
vrouw: "Juffrouw..."
jongen: "mevrouw u moet op het knopje drukken, dan komen ze helpen."
vrouw: "Help.... help... help....."
jongen: "Ik kan niet helpen, als u nood heeft moet u bellen!"
vrouw: "Nood! Nood! Nood!"
gelukkig kan je met kinderen altijd een optimistisch gesprek voeren. De verpleegkundige had net een computer mijn kamer op gereden toen het kleinkind van een patiente ook even bij mij kwam buurten.
jongetje: " Ik ga op de knopjes drukken hoor"
Ik: Oeh, het is niet mijn computer, ik weet niet wat er dan gebeurd."
jongetje: "misschien ga je dan wel dood"
Ik: "Misschien stijgt het bed wel op en vlieg ik door het dak naar buiten."
Het jongetje leek me een beetje raar te vinden en ging er, zonder verder wat te zeggen, weer vandoor. in de verte hoorde ik hem tegen familie zeggen: "Een stom iemand praatte tegen mij!"
Andere hoogtepunten deze opname.
- De olifant-verpleegkundige, die als een ECHTE olifant om 6:00 s'ochtends binnen kwam stampen, de gordijnen open gooide, de spotlight aandeed, tafeltjes ging uitklappen, tegen mijn wens in controles deed, waardoor je je kostbare nachtrust vaarwel kon wensen.
- mijn eigen mini-apotheek in mijn nachtkastje.
- 5 dagen plat liggen.... Holleee!!
- De grootste klit in mijn haar, OOIT!
Deze opname stond voor een groot deel in het teken van hoofdpijn en misselijkheid door het punctie-lek. Na 5 dagen was het moment daar:
arts-assistent: "De anesthesist gaat het lek die door de ruggeprik ontstaan is dichtmaken, dat doet hij door middel van een ruggeprik."
Ik: "Ik zie erg op tegen een ruggeprik, de vorige keer deed het erg veel pijn"
arts- assistent: "Maak je geen zorgen, de anesthesist prikt heel vaak."
verpleegkundige: "Niet heel vaak in jou hoor"
later op de dag:
anesthesie verpleegkundige: Je komt voor het dichtmaken van het lek, ga maar op je zij liggen.
Ik: Ik zie erg op tegen de prik, en op mijn zij prikken lukte de vorige keren niet.
--anesthesist komt binnen--
Ik: "Als die hoofdpijn hierdoor weggaat zie ik u als mijn verlosser"
anesthesist: "Dat mag je dan straks aan mijn vrouw vertellen"
Ik: "Ik zie erg op tegen de....."
anesthesist: "zo de naald zit goed, even stil liggen"
Ik: "..... De naald zit??? Ik ben fan!"
Wat mij betreft heb ik nu weer genoeg ziekenhuiservaringen opgedaan. Ik weet weer waarom ik af en toe geld geef aan de zorgverzekeraar. Langzaam maar zeker herstel ik weer iets, totdat ik straks weer opmerk, dat ik te veel werk, te veel studeer, te veel afspreek, te veel doe, zonder me te realiseren hoe makkelijk je kan genieten, van enkel het voelen van je lichaam.
woensdag 15 april 2009
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
2 opmerkingen:
wat een verhaal... gek he dat je pas beseft wat voor een geweldig lichaam we hebben als die het niet meer doet... laat goed voor je zorgen en zorg vooral goed voor jezelf! En mooi om te lezen dat je gevoel voor humor niet ziek was, alleen een beetje zwartgalliger dan normaal misschien. veel liefs
ik ben blij dat ik er ook invoor kom! erg grappig om te lezen, en gelukkig lezen want ik zou het je niet nog een keer toewensen! ik ben blij dat je weer de oude bent met je humor e.d.
kusjes
Emmelie je zusje!
Een reactie posten